| Uit het Algemeen Dagblad van Zaterdag 8 mei 1999 |
| Door correspondent Ad Vaessen
Bonn - De weduwe van NSB-leider Rost van Tonningen wil net over de Nederlandse grens een 'expositie- en studiecentrum' vestigen. Zij heeft haar oog laten vallen op de Wewelsburcht ten oosten van Dortmund, die het domein was van SS-leider Himmler. Er moet 'volkerenkundig' onderzoek worden verricht en zij wil er documenten en nazi-attributen tentoonstellen. De burgemeester van Rheden wees eerder haar plan voor een museum in haar villa in Velp af. Een geldinzamelingsactie in Duitsland voor de aanloopkosten van het centrum verloopt moeizaam. Via oproepen op het internet heeft zij geprobeerd ten minste 100.000 mark (110.000 gulden) bijeen te krijgen, aldus museumsdirecteur Wulff Brebeck. Deze historicus beheert de Wewelsburcht in opdracht van de stad Paderborn. Gulle gevers ontvingen voor een gift van minimaal 100 mark 'Germaanse bouwstenen' van papier. "Word wakker! Ons nationale erfgoed, waarvoor vele kameraden zijn gevallen, is in gevaar", luidde de oproep van Florentine Rost van Tonningen-Heubel. Zij ondertekende met de SS-eed: "Unsere Ehre heisst Treue". De Zwarte Weduwe (85) geeft ondanks deze tegenslag niet op. "Dit is
heilige grond", zei zij gisteren desgevraagd. "Het is een kwestie van tijd
en geld eer wij de burcht weer in ons bezit krijgen. Ik zal tot mijn laatste
snik vechten." Zij bezoekt het kasteel elke drie maanden. Tegelijkertijd
kijken zij en haar aanhang uit naar andere vestigingsplaatsen in Duitsland,
onder meer in Berchtesgaden in Beieren waar Hitlers Adelaarsnest was gevestigd.
"Ik ben er mee bezig, maar ik zeg niks."
Paderborn is doodongelukkig met de negatieve publiciteit. De gemeente geeft toe dat de burcht, die jaarlijks door 45.000 mensen wordt bezocht, tevens dient als een bedevaartsoord voor oud-nazi's en voor jonge rechtse radicalen. De activiteiten van Rost van Tonningen worden op de voet gevolgd. "Zij maakt geen schijn van kans", zegt hoofd Cultuur Wester: "Het kasteel is niet te koop." Wel wordt een deel ervan verhuurd. De vrees bestaat dat zij via een nepvereniging probeert een huurcontract te krijgen. Op korte afstand van het kasteel ligt restaurant Ottenshof, waar de neo-nazileider wijlen Michael Kühnen grote bijeenkomsten belegde. Een paar jaar geleden ging het pand deels in vlammen op. Nu is het met veel geld herbouwd. De bankiersdochter Rost van Tonningen zegt dit toe te juichen, maar ontkent dat zij een van de financiers is. De Süddeutsche Zeitung vraagt zich wel af waar 'plots al dat geld vandaan komt'. Ook dit is voor oud-nazi's een historisch pand, onder meer doordat runetekens bewaard zijn gebleven. Het restaurant in het sousterrain heette 'Hitler-Jugend-Keller'. Haar man Meinoud Rost van Tonningen was tweede plaatsvervangend leider
van de Nationaal Socialistische Beweging (NSB). Na de bevrijding werd hij
gearresteerd. Hij overleed in de gevangenis. De weduwe, die onder anderen
de paus benaderde voor de rehabilitatie van haar echtgenoot, stichtte het
consortium 'De Levensboom'. Deze organisatie propageert het nazi-gedachtengoed.
|
![]() |