| Florrie Rost van Tonningen-Heubel
Alert - juni 2007 |
| Op 24 maart 2007 overleed Florentine Sophie Rost van Tonningen-Heubel
op 92-jarige leeftijd. Rost van Tonningen gold binnen en buiten het extreemrechtse
circuit als een echte oude kameraad. Eentje die het Derde Rijk had meegemaakt
en nooit enige concessie had gedaan aan haar nationaal-socialistische ideologie.
Maar wat is haar betekenis nu precies geweest voor extreemrechts in Nederland?
Florrie Rost van Tonningen’s leven is bepaald door de Tweede Wereldoorlog. In die periode kon ze vorm geven aan haar grote ambitiedrang, ontmoette, huwde en verloor ze haar man, kreeg haar kinderen en verloor ze vervolgens alles wat ze had. Het is dan ook niet vreemd dat haar leven is in te delen in twee periodes, gesplitst door het jaar 1945. ![]() Kennisname van de veranderingen die Hitler in Duitsland teweeg bracht en het lezen van “Mein Kampf” in haar studententijd deden haar in 1935 besluiten toe te treden tot de jongerenorganisatie van de NSB, de Nationale Jeugdstorm. Haar broer Wim Heubel werd lid van dezelfde organisatie en beiden maakten carrière binnen de NSB-structuren. Kort na de Duitse inval en bezetting van Nederland organiseerde de NSB een grote “bevrijdingsbijeenkomst” waar zowel Florrie Heubel als Meinoud Rost van Tonningen, een prominent NSB-lid en radicale nationaal-socialist, aanwezig waren. Daar ontmoetten ze elkaar. De ontmoeting leidt tot een verliefdheid en enkele maanden later tot een huwelijk. Daarbij moeten overigens nog wel wat plooien glad worden gestreken. Meinoud was 18 jaar ouder, bovendien getrouwd geweest en al vader (#1) en – last but not least – waren er serieuze problemen rond zijn raszuiverheid. Hij zou “Indisch- en negerbloed” in zich hebben. Met wat correspondentie met bevriende contacten en enkele noodgrepen werden de problemen gerepareerd en kon het huwelijk worden voltrokken. Het afstammingsprobleem zorgde er echter wel voor dat Meinoud nooit kon toetreden tot de “raszuivere” SS.
Het huwelijk in 1941 Getrouwd en wel deden Florrie en Meinoud beiden dus verwoedde – en vaak onbesuisde - pogingen om hun eigen carrière binnen de Nederlandse nazi-organisatie tot grote hoogte te brengen. Daarbij deden zich echter drie (en later vier) grote problemen voor. De eerste was van ideologische aard: Florrie en Meinoud waren van mening dat Nederland feitelijk een verloren deel van Duitsland was en herenigd moest worden in een Germaans Rijk. Andere, sterke krachten binnen de NSB dachten hier echter heel anders over en waren overtuigd Nederlands of Diets nationalist. Zij wilden een onafhankelijk Nederland met Duitsland in een nationaal-socialistische statenbond of anders hooguit een samengaan met de andere Dietsers in Vlaanderen en Noord-Frankrijk. Dat dit praktisch en ideologisch tot de nodige botsingen leidde behoeft geen betoog. Daarnaast zorgden de ambitie en activiteiten van Florrie en Meinoud voor veel machtige vijanden binnen de NSB, waaronder partijleider Mussert. Een derde groot probleem was dat vooral Meinoud de hem geboden kansen voor geen meter waar wist te maken. Het ene na het andere project van Meinoud, dat de Nederlandse betrokkenheid bij het grote nationaal-socialistische project moest vergroten, mislukte (#2). Een vierde probleem voor Florrie deed zich voor toen ze haar eerste kind verwachte. Haar vele tegenstanders zagen hun kans schoon: Volgens goede nationaal-socialistische traditie restte haar vervolgens niks anders dan commode en aanrecht en kon ze haar verdere politieke ambities vergeten.
De verdere oorlogstijd stond voor Florrie vooral in het teken van drie zwangerschappen en de verwoedde pogingen van Meinoud om zijn politieke dromen uit te laten komen. In de nadagen van de oorlog gooide Meinoud de handdoek in de ring en besloot dat zijn plaats aan het front was. Hij vocht nog enige weken met de Waffen-SS tegen de oprukkende geallieerden. Meinoud werd krijgsgevangen gemaakt. Na enkele omzwervingen kwam hij, als oorlogsmisdadiger, in de Scheveningse gevangenis terecht. Daar kwam hij vervolgens enkele weken later om het leven. Officieel werd zelfmoord vastgesteld, volgens Florrie ging het echter om moord. Mogelijk is Meinoud dusdanig mishandeld (in de Scheveningse gevangenis heerste de eerste weken na de bevrijding een schrikbewind) dat hij “gezelfmoord” is. Florrie was, ondertussen met drie kleine kinderen, naar Duitsland gevlucht.
Daar wachtte ze eerst het verdere verloop van dingen af en kon ze zich
oriënteren op de mogelijkheden voor haar verdere leven. In 1947 vroeg
ze een weduwepensioen aan in verband met het vooroorlogse Kamerlidmaatschap
van haar man. In 1948 keerde ze – illegaal – terug naar Nederland, werd
gearresteerd, maar korte tijd later buiten vervolging gesteld. Ze vestigde
zich daarop weer in Nederland.
Vanaf het einde van de jaren ’70 werden haar bewegingen in het extreemrechtse landschap langzaam maar zeker weer zichtbaar voor het grote publiek. Sterker nog, een aantal affaires plaatsten haar regelmatig in het middelpunt van de belangstelling. Allereerst was daar de commotie rond haar weduwepensioen. Dat werd medio jaren ’80 bekend en leidde tot een reeks aan relletjes, onderzoeken en kamerdebatten. Uiteindelijk bleek een kamermeerderheid niet bereid de wet te veranderen om haar pensioen af te pakken.
Rost op een HIAG bijeenkomst in 1985, rechts SS'er Stan de Beukelaar De verspreiding van propaganda, een andere poot van activiteiten van Rost van Tonningen, liep tegelijkertijd allesbehalve goed. Diverse pogingen om publicaties aan de man te brengen strandden op justitieel optreden. In de jaren ’80 leidde dit tot een veroordeling wegens het verspreiden van antisemitisme en enkele jaren later kreeg ze een nieuwe straf vanwege het verspreiden van haar autobiografie ‘Op zoek naar mijn huwelijksring’. (#3)
De Zwarte Weduwe bij een proces in 1985 Maar ook in de jaren ’80 en ’90 is het maar de vraag wat haar betekenis nou precies is geweest. Ze was betrokken bij een aantal politieke initiatieven. Het grootste deel van deze initiatieven betrof scholing en propaganda ten behoeve van het ware nationaal-socialisme. Tegelijkertijd voerde ze een strijd voor eerherstel van haar man en haar aan het front gesneuvelde broer. Deze propaganda liet echter duidelijk het probleem van Rost van Tonningen zien: haar wereld is letterlijk in 1945 stil blijven staan. Zo goed als alle teksten gaan over het Derde Rijk of worden vanuit het perspectief van die periode bekeken. Een bekende anekdote gaat over een bijeenkomst in het huis van Rost van Tonningen, waar een jonge skinhead aan de maaltijd deelnam. Hij weigerde zijn bord leeg te eten, omdat hij het niet lekker vond, waarop Rost van Tonningen hem onderwees: “Bij de SS aten we altijd ons bord leeg”. In een In Memoriam beschrijft Constant Kusters dat Rost van Tonningen de Nederlandse neonazi Eite Homan een “onbeschofte boer” vond, aangezien die zijn brood zonder bestek at. Laten we het er dus op houden dat haar normen en waardepatroon, net als haar propaganda- en scholingsactiviteiten, enigszins uit de pas liepen met de eisen van de moderne tijd. Daarnaast was Rost van Tonningen betrokken bij diverse organisaties. Een aantal van deze organisaties waren haar eigen werk, waarvan de belangrijkste “Consortium de Levensboom” vooral bedoeld was voor bovengenoemd propagandawerk. Medio jaren ’80 deed ze samen met enkele vertrouwelingen een laatste poging om een partijpolitieke activiteit op te zetten. Ze werd zijdelings betrokken bij de oprichting van “Neerlands Herstel”, maar dat partijtje kwam nooit van de grond. Ook dat mag dus eigenlijk geen naam hebben.
Is Rost dan belangrijk geweest in faciliterende zin? Was er geld bij
haar te halen, was ze olie in de machine of was haar huis bijvoorbeeld
belangrijk voor de extreemrechtse groepen in Nederland?
![]() Dan kan het natuurlijk nog zo zijn, dat Rost van Tonningen, door haar
huis (eerst in Velp, later in Waasmunster, België) beschikbaar te
stellen voor allerhande informele ontmoetingen, bijgedragen heeft aan vruchtbare
samenwerkingen of vriendschappen. Ook hiervan is weinig bewijs. Bijeenkomsten
stonden altijd sterk in het teken van het Derde Rijk, haar man en haar
broer. Het feit dat rechts-extremisten elkaar tegenkwamen bij haar thuis
kan sporadisch wel tot een vruchtbaar contact hebben geleid, maar daar
tegenover staan ook vele ruzie’s die daar zijn ontstaan.
Hans Janmaat, Rost van Tonningen en Wim Vreeswijk Het belang van Florrie Rost van Tonningen heeft er de laatste decennia dus vooral in bestaan dat ze een icoon was binnen het extreemrechtse circuit. Op basis van de sympathie of antipathie van Rost van Tonningen kon men elkaar of zichzelf de maat nemen. Sympathie van Rost van Tonningen betekende dan een statusverhoging. Dit mechanisme blijkt zelfs na haar overlijden nog volledig intact. Tijdens het verschijnen van Alert! juni 2007 vechten NVU-leider Constant Kusters en voormalig NVU-voorzitter Joop Glimmerveen elkaar publiekelijk de keet uit. Essentie van deze ruzie? De vraag voor wie van beide mannen Florrie Rost van Tonningen sympathie had en voor wie niet. |
![]() |
Noten