Hoe gevaarlijk is CD-er Marcel Keizer?
Nieuwe Revu - 14 juni 1995

door Peter Rensen

 
Marcel KeizerIs de Centrumdemocraat Marcel Keizer nu wel of niet gevaarlijk? En hebben de CD en Keizer nu wel of niet een Haagse officier van justitie bedreigd?

Al meer dan een jaar leeft Terence van Nielen op voet van oorlog met de Haagse Centrumdemocraat en zelfverklaarde neo-nazi Marcel Keizer. De ruzie begon in februari vorig jaar toen Keizers vrouw Henny Keizer-Klein besloot te scheiden, daarbij gesteund door haar nieuwe vriend Van Nielen. De (financiële) afhandeling van de scheiding leidde tot hoogoplopende onenigheid die in de nacht van 23 op 24 juni een dieptepunt bereikte. Keizer ging Van Nielen in Pijnacker te lijf met een honkbalknuppel en, volgens Van Nielen, ook met een mes. Een maand later liep de ruzie wederom uit op een vechtpartij, ditmaal in de buurt van Keizers wapen- en sleutelhandel. Beide partijen beschuldigen elkaar ervan de eerste klap te hebben uitgedeeld. Uiteindelijk deed Keizer aangifte van mishandeling

Henny Klein en Terence van Nielen vonden dat justitie en politie bij de afhandeling van deze affaires in gebreke bleven en brachten dat in verband met de vriendschappelijke contacten tusssen Keizer en de Haagse rechercheur Klaar Munnik. Onderzoek van onze kant wees uit dat Munnik werkzaam was als rechercheur bij de Regionale Inlichtingendienst (RID), een politiedienst met BVD-achtige taken. Marcel Keizer was één van Munniks informanten. Volgens Munnik waren de contacten dan ook strikt zakelijk. Een politie-onderzoek stelde Keizers ex vrouw, Henny Klein, echter in het gelijk. Munnik werd wegens 'ongewenste' contacten overgeplaatst naar een andere afdeling.

In december kreeg Van Nielen via zijn advocaat te horen dat de affaire-Pijnacker voor de rechter zou komen. De datum werd vastgesteld op 30 mei. Eind april kreeg Van Nielen het bericht dat de affaire-Pijnacker naar september zou worden verschoven. In plaats daarvan moest hijzelf op 30 mei voorkomen vanwege de tweede vechtpartij in Den Haag. Van Nielen echter was gepikeerd over deze plotselinge omwisseling en liet zijn advocaat mevrouw R. Spoon, opheldering vragen aan de officier van justitie, mevrouw I. Breman. In een brief aan Van Nielen geeft advocaat Spoon het gesprek weer: 'De officier deelde mij mede, dat de reden om de zaak van de heer Keizer uit te stellen tot september is gelegen in het feit, dat er van de zijde van de heer Keizer en de CD bij de politie en de officier van justitie diverse bedreigingen zijn binnengekomen. Op grond hiervan heeft de officier van justitie gemeend er verstandiger aan te doen om uw zaak en die van de heer Keizer afzonderlijk te behandelen. Naar aanleiding van de bedreigingen heeft de officier van justitie nadere informatie over de heer Keizer opgevraagd. Hieruit is haar duidelijk geworden, dat de heer Keizer een bijzonder gevaarlijk persoon is. De officier deelde mij reeds op voorhand mede dat zij hiermee in haar eis tegen u rekening zal houden." 

Nieuwsgierig naar de toedracht van de bedreigingen doen we navraag bij officier Breman. Zij laat bij Monde van woordvoerder N. Zandbergen weten nooit over bedreigingen te hebben gerept en evenmin navraag te hebben gedaan. 
Advocaat Spoon is verbaasd. "De brief is de letterlijke weergave van het gesprek met Breman," zegt ze. En ze voegt eraan toe: "Keizer wordt in ieder geval beschouwd als een gevaarlijk persoon. Dat bleek wel tijdens de zitting bij de politierechter op 30 mei. Daar waren maar liefst zeven parketwachters aanwezig om een oogje in het zeil te houden." Advocaat Spoon kan Bremans ontkenning maar op één manier verklaren. "Ik denk dat justitie deze affaire niet op de spits wil drijven." Terence van Nielen reageert laconiek: "Ach, ik ben het wel gewend dat justitie liegt. Dat deden ze al toen Keizer nog informant was bij de politie."



Door Peter Rensen - Nieuwe Revu - 14 juni 1995

 
 
terug naar Marcel Keizer
terug naar laatste nieuws