HET VERVOER
Een van de terreinen waar de KNO het aktiefste op is, is het beroepsgoederenvervoer.
Dat is te verklaren uit een aantal faktoren, onder andere dat de vereniging
in deze sektor de meeste leden heeft, in totaal zo'n negentig. (Volgens
een brief van de Commissie Beroepsgoederenvervoer van de KNO, op briefpapier
van De Haan, 15 mei 1985). Een aantal van die leden (zowel
personen als bedrijven) probeert hun libertarische ideeën in de praktijk
te brengen door zich onder meer tegen de CAO te keren.
Een voorbeeld daarvan is Adriaan de Haan, per 25 april 1985 bestuurslid
van de KNO en algemeen direkteur van De Haan's expeditie uit Alblasserdam.
Dat bedrijf is gespecialiseerd in verhuizingen. In het pro-apartheidsblad
Zuid-Afrika Nu, van de Nederlands-Zuidafrikaanse Werkgemeenschap adverteerde
De Haan met de slogan "De Haan voor een probleemloze verhuizing naar Zuid-Afrika".
Adriaan de Haan is er begin juni 1986 voor verantwoordelijk dat de
onderhandelingen voor een CAO-wegvervoer lange tijd getorpedeerd zijn geweest.
Het kommentaar van De Haan was als volgt: "Dat er nu geen nieuwe CAO wordt
afgesloten kan mij niet schelen. Mijn werknemers zijn niet aangesloten
bij een vakbond, dus waarom zou ik dan met hen moeten onderhandelen over
de arbeidsvoorwaarden van mijn mensen?" (Volkskrant
4 juni 1986). Later werd er ook dat jaar wel een CAO voor
deze sektor afgesloten.
Maar zo'n CAO bleek voor een groot aantal vervoers-leden van de KNO
geen obstakel te zijn. Geheel volgens libertarische principes werkten deze
bedrijven alsof er geen CAO bestond. De Haan is in 1985 bedreigd met het
dertig dagen lang intrekken van zijn vergunning als wegvervoerder door
de Commissie Vervoersvergunningen, wegens het ontduiken van de CAO. En
De Haan was niet de enige. Het vervoersbedrijf Mostert uit Berkel en Rodenrijs
heeft in 1984 een rijverbod opgelegd gekregen van 25 dagen wegens het ontduiken
van de CAO.
Andere voorbeelden zijn de KNO-leden Hillegomse Transportonderneming
(uit Hillegom) die voor 5 dagen de vergunning is kwijtgeraakt omdat het
de CAO niet nakwam; Weys Transport (Eist) werd in maart '79 door de Raad
van State vrijgesproken van een rijverbod, omdat het de CAO na een eerdere
veroordeling wel zou gaan naleven, maar in juli 1979 werd het bedrijf alweer
veroordeeld tot een rijverbod van twee weken, wegens CAO-ontduiking; het
bedrijf Nijdam uit Groningen ontdook in 1976 en in 1984 de CAO, in 1986
weigerde het bedrijf een loonsverhoging uit te betalen; in 1988 ontdekte
de Rijks Verkeers Inspectie dat het rijtijdenbesluit zo'n honderd keer
was overtreden. In 1989 dreigde de College van Beroep voor het Bedrijfsleven
de firma te sluiten als Nijdam niet kon aantonen dat de CAO juist werd
nageleefd. Korte tijd later strafte het bedrijf een chauffeur voor deelname
aan akties om een CAO af te dwingen, door hem zijn vaste wagen af te nemen.
Het transportbedrijf Meeus raakte in 1975 in een CAO-strijd gewikkeld
met de vakbond wegens het niet naleven van de CAO. Vijfentwintig chauffeurs
die staakten werden ontslagen.
Weer een heel ander verhaal is het vervoersbedrijf Veurink, uit Hardenberg.
In december 1985 kwamen twee chauffeurs van dit bedrijf (ook KNO-lid) met
hun bedrijfswagens terecht in een, door de vervoersbond FNV georganiseerde
wegblokkade, om de CAO-onderhandelingen onder druk te zetten. Veurink strafte
beide chauffeurs door hen aan te wijzen als reservechauffeur. Voor beiden
betekende dat dat ze hun vaste vrachtwagen kwijtraakten, daardoor minder
uren zouden kunnen maken en minder verdienen.
Vervolg van dit verhaal was dat beide chauffeurs met de FNV naar de
rechter stapten om deze straf ongedaan te maken. Maar de rechter, mr. H.
van den Biessen vond het onvergeeflijk dat de twee hun "kostbare vrachtauto's
blootstelden aan grote risico's" en wees de eis af. Dit vonnis werd (uiteraard)
zeer lovend ontvangen binnen KNO-kringen. Onder de kop "Er zijn nog rechters
in Almelo" schrijft mr L. van Heyningen in KNO-info van april 1986: "Het
vonnis betekent een welverdiende slag voor het FNV. Door de grote schade
welke aan velen is toegebracht, dreigt het te worden besprongen met schadevergoedingsacties
welke steun vinden in de rechterlijke onrechtmatigheidsverklaringen. Bij
een juiste berechting zal dit de financiële ondergang van de vervoersbond
FNV betekenen". Korte tijd na de uitspraak bleek dat rechter Van den Biessen
zelf belanghebbende was, als kommissaris van een vleesbedrijf dat schade
ondervonden had van de blokkades. Enkele maanden na zijn verbijsterende
uitspraak werd deze door het gerechtshof in Arnhem vernietigd.
Een ander voorbeeld is dat van het bedrijf Stolk. Het KNO-lid Stolk
was een vervoersbedrijf in Berkel en Rodenrijs, dat gespecialiseerd was
in transporten op het Midden-Oosten. Het bedrijf (in feite was het een
heel netwerk van bv-tjes) had zo'n honderd, meerendeels Turkse chauffeurs
in dienst. Om de arbeidskosten laag te houden werd de chauffeurs voorgehouden
dat ze in dienst waren van een (naar later bleek niet bestaande) Turkse
dochteronderneming van Stolk. Voordeel (voor Stolk) van deze konstruktie
was, dat de chauffeurs niet onder een Nederlandse CAO vielen en dus als
goedkope arbeidskrachten konden dienen. Zo reden de chauffeurs onverzekerd
op lange internationale ritten, en hoefde het bedrijf geen sociale lasten
af te dragen. Volgens een berekening van Stolk zelf scheelde dat laatste
alleen al zo'n 100 gulden per chauffeur per week. Dit soort zaken zijn
mogelijk omdat de chauffeurs in plaats van een verblijfsvergunning een
visum krijgen, dat maar een week of twee geldig is. Worden de chauffeurs
ontslagen, dan wordt dit visum niet verlengd en moeten ze het land uit.
Daarom is het voor deze mensen heel moeilijk om hier wat tegen te doen.
De Turkse chauffeurs bij Stolk hebben dat wel gedaan door in 1986 massaal
in staking te gaan en met de vrachtwagens 'onder te duiken' of een deel
van het bedrijfsterrein te bezetten.
In de publiciteit die daaromheen ontstaat lekt ook een rapport van
de Looninspectie uit die in 1986 een onderzoek heeft gedaan bij Stolk.
De konklusie die daaruit getrokken werd, was vernietigend voor het bedrijf:
met behulp van het hele netwerk van bv's is de voorgaande jaren op alle
mogelijke manieren de boel opgelicht. Accountantsrapporten ontbraken sinds
1983 en de administratie was een chaos. Om dat te illustreren schreven
de twee kontroleurs in hun rapport dat de kas-administratie met potlood
werd bijgehouden. Sinds 1985 hadden de afzonderlijke bv's geen eigen kas
meer, maar een gezamenlijke. Wat andere opmerkingen in het rapport spreken
voor zich: "De kwitantieboekjes zouden ons ook ter inzage worden verstrekt.
De stukken werden echter zo angstvallig bewaakt dat het niet lukte om een
acceptabele steekproef te nemen (...) Toen wij informeerden of er tachoschijven
waren (waarop de rijtijden van de chauffeurs moeten worden bijgehouden)
werd deze vraag bevestigend beantwoord. De heer Walhain (het hoofd administratie
van Stolk - FOK) zou ze voor ons opzoeken. Ondanks herhaald aandringen
werden ook deze schijven niet geleverd. Terloops nam hij stukken weer mee
die hij net daarvoor geleverd had". (Volkskrant
1 oktober 1986).
Stolk werd in zijn praktijken alles behalve afgevallen door Frans Rynart,
van Rynart Transport uit Klundert (hoe kan het ook anders, KNO-lid) die
in een telefoongesprek met Stolk uitgeroepen heeft: "Als jij dit wint,
moeten we je onder elkaar maar een Mercedes kado geven". De reaktie van
Stolk was over de telex "Zet die Mercedes maar vast klaar" (Trouw
8 oktober 1986).
Een aantal van de Stolk-bv'tjes is failliet gegaan en er is een aantal
(vooral Turkse) chauffeurs op straat gezet. Verder is er nog sprake van
geweest dat de vergunningen van het bedrijf ingetrokken zouden worden,
maar dat is nooit gebeurd. Wel is door justitie een onderzoek ingesteld
naar frauduleuze praktijken van Stolk. De aktiviteiten van de failliete
Stolk-firma's zijn nu ondergebracht bij de firma West Autobedrijf en in
België.
Enkele maanden na de Stolk-affaire kwam de vervoersbond FNV met het
bericht dat er veel meer wegvervoerders werken met buitenlandse, veelal
Turkse, chauffeurs die niet volgens de wettelijke normen betaald zouden
worden of zonder enig probleem ontslagen worden. Als voorbeeld werd het
bedrijf Rynart Trucking uit Klundert aangehaald, die in april 1987 twaalf
Turkse chauffeurs op straat had gezet, omdat er geen werk meer was. Rynart
Trucking is een bedrijf van Frans Rynart, die we al eerder bij Rynart Transport
tegenkwamen. Rynart Trucking is ook lid van de KNO.
De kontrole op de naleving van de CAO's bij het beroepsgoederenvervoer
werd uitgevoerd door de Stichting Raad van Toezicht op het Beroepsvervoer.
Deze Raad van Toezicht was de KNO een doorn in het oog en daarom is van
alles geprobeerd om die Raad weg te krijgen. En dat is in 1991 gelukt.
Bij de CAO-onderhandelingen hebben de werkgevers, onder aanvoering van
KNO-leden geëist dat de Raad van Toezicht zou worden opgeheven, wat
inmiddels gebeurd is.
Maar niet alleen het ontduiken van CAO's komt voor bij een aantal KNO-leden
(en overigens niet alleen bij KNO-leden) maar sommigen nemen ook een loopje
met milieu-wetgeving. Het beruchtste voorbeeld daarvan was het vervoersbedrijf
Kemp in Hazerswoude. Na een langdurig onderzoek werd in maart 1988 onthuld
dat Kemp jarenlang grote hoeveelheden giftig industrie-afval op een vuilstortplaats
bij Alphen aan de Rijn illegaal heeft gedumpt. De bedrijven van wie het
afval afkomstig was betaalden het gebruikelijke tarief om het afval legaal
te laten verwerken. Maar Kemp dumpte het illegaal. Kemp was tot zijn faillissement,
later in 1988, lid van de KNO. In 1990 werd eigenaar Simon Kemp, na een
eis van zes jaar gevangenisstraf veroordeeld tot 4,5 jaar cel en 150 duizend
gulden boete. Hij werd ondermeer veroordeeld wegens valsheid in geschrifte,
omkoping, en het illegaal storten. (Overigens
is dit absoluut geen komplete lijst van overtredingen en veroordelingen
van KNO-lid vervoersbedrijven, alleen wat wij bij een oppervlakkig onderzoek
in een knipselarchief hebben kunnen vinden).
|